Dansen

dansen keur amsterdams verleden

‘Onkuis’ dansend stelletje

Ieder weekend worden de verschillende dansgelegenheden in Amsterdam massaal bezocht. Tot in de late uurtjes wordt de dansvloer bevolkt met mannen en vrouwen. Een heel normaal verschijnsel vanuit ons oogpunt bezien. Dit was in de 17e eeuw echter niet zo vanzelfsprekend.

Op 28 april 1629 werd een keur afgekondigd. Een keur is te vergelijken met een wet die opgesteld werd door de schout en schepenen in samenspraak met de burgemeesters. In het keur van 28 april 1629 werd het voor vrouwen verboden om dansscholen (dansgelegenheden) te betreden. Voor het streng gereformeerde stadsbestuur was het dansen tussen mannen en vrouwen onderling een doorn in het oog. De stadsbestuurders meenden dat een ruyme deure geopent wort tot alrehande onkuijsheiden. Het werd voor gehuwde en ongehuwde vrouwen, jong en oud, verboden zich op de houden in de verschillende dansscholen en kamers in de stad.

In het keur wordt tevens de boete vermeld die betaald moest worden bij overtreding. Waerden oft andere persoonen die dansscholen oft camers houden (waar een vrouw werd aangetroffen) t’elckens verbeuren sullen twaelf guldens. De vrouwen die in de dansscholen werden aangetroffen, of ze aan het dansen waren of niet, moesten een boete betalen van drie gulden. De secretaris die de keur heeft opgeschreven is Daniel Mostert. De zoon van een oude bekende van ons: Davidt Mostert, met wie wij in het artikel over het poorterschap reeds kennis hebben gemaakt.

Bronnen uit het Stadsarchief Amsterdam:

SAA: 5020.13(keurboeken) 133 28-4-1629

SAA: 5020.13(keurboeken) 133 28-4-1629

 

 

DelenShare on Facebook

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *


9 − 2 =